Schiphol

5 Feb

 

bodyscan

Veilig in de belastingvrije zone

waant de reizigster zich die net

als een mak schaap bewoog

door de controle

 

Jas en schoenen uit, in de bak

Vloeistof minder dan een liter, max

tweehonderd milliliter per fles in

een doorzichtige plastic zak

 

Los van eigen elektronische apparatuur

schuift de reizigster in de machine

voeten op stippen, armen omhoog

om haar heen een magnetische muur

 

‘Mag ik,’ lijkt een vraag maar

is een niet te negeren bevel. Handen

tussen dijen, langs borsten, onder de bloes

het lijf is een potentieel gevaar

 

Ze opent haar weekendtas, roept nee

zonder geluid en  gehoorzaamt gedwee

Geplastificeerde vingers beroeren het kant

leggen het onverschillig opzij, openen

de toilettas, tellen de inlegkruisjes

Veiligheid gaat de schaamte voorbij

 

 

 

 

 

 

 

Ellis presenteert….

2 Feb

Met dichtmaten Kees-Jan Sierhuis en Hans de Roo organiseerde ik een PoetrySlam. Alles is geregeld; elf dichters, drie julyleden, een prachtige zangeres, een mooie locatie en ik doe de presentatie. Nu alleen maar nadenken over de jurk;-)

flyer-def-page-001

 

via Kom, er is een PoetrySlam op 4 februari — Zaanse Dichterskring

Duurzaam de mens

26 Jan

 

plastic-madonna

Plastic Madonna – Peter Smith

 

Als het niet wordt afgebroken

moet het integreren

deel uitmaken van de keten

zal het verandering brengen

in de biodiversiteit

 

Mensen van duurzaam plastic

gaan die langer mee?

Ik vind er niks meer aan

22 Jan

Over voltooid leven

Tijdens het spreekuur probeer ik onderwerpen die te maken hebben met zorgverzekeringen, vergoedingen en zeker de politiek buiten de deur te houden. Toch ontkom ik er niet altijd aan. Zeker niet als het mensen raakt, in de buidel of emotioneel. Het debat rondom levensbeëindiging bij een voltooid leven ontging Kees niet en daarmee mij ook niet.

‘Ik vind er niks meer aan,’ zegt Kees. Er moet van alles gebeuren waar hij tegen op ziet. Zijn versleten heup moet vervangen en er staan afspraken bij de kaakchirurg om zijn rammelende gebit te vervangen. Verder is een goede vriendin onlangs overleden en zijn beste vriend heeft kanker met uitzaaïngen. Begripvol knik ik en laat hem vertellen. Over de glucosewaardes hoeven we het niet te hebben, die zijn wel goed sinds hij de alcohol heeft laten staan.  ‘Maar waar ze het over hebben in Den Haag, dat hoeft nou ook weer niet. Ik wil niet dood,’ vervolgt hij alsof hij zijn uitspraak moet verklaren. Alsof hij bang is dat ik mijn hulp zal aanbieden. Daar hoeft hij niet bang voor te zijn, ik ken Kees langer dan vandaag. Hij heeft zijn alcoholverslaving overwonnen, pakt zijn gezondheidsproblemen op en heeft gekozen voor het leven. Hij heeft een fijne relatie met zijn zussen en heeft een uitgebreide vriendenkring. Bovendien is hij nog niet eens zo oud, begin zestig. Maar hij zet me wel aan het denken. Hoe vaak horen we het niet zeggen?

Zeker door oudere patiënten die een partner hebben verloren, vrienden verliezen, een klein netwerk hebben en zichzelf niet meer kunnen vermaken. We zien ze voor hun chronische aandoening waaraan ze niet direct zullen overlijden. Sterker nog, we doen ons best om complicaties en daarmee hun overlijden te voorkomen. Ik heb nog wel eens een gesprek over de zin en onzin van een cholesterolverlager, maar vraag nooit of ze überhaupt nog willen leven.

Natuurlijk bied ik een luisterend oor, maar verwijs snel door naar de huisarts. Gesprekken over wel of niet reanimeren, wel of niet behandelen, euthanasie en straks misschien de optie levensbeëindiging bij een voltooid leven horen niet thuis op mijn spreekuur. Of wel?

Het nieuws en de discussies over levensbeëindiging bij een voltooid leven hebben Kees aan het denken gezet over wat hij wel en niet zou willen.  We hadden een mooi – onvoltooid – gesprek over leven en dood, dat hij verder kan voeren met zijn familie en zijn huisarts. Dat had hij nog niet eerder gedaan.

20170122_163323-collageIs dat een rol die wij kunnen spelen?  Niet afwachten tot iemand zegt niet meer te willen leven? Bespreekbaar maken? Mensen aan het denken zetten? Net zoals we doen met seksuele problemen en psychische klachten, die wij verder ook niet vervolgen? In de ouderenzorg vragen collega’s soms naar hoe de patiënt het levenseinde ziet en maken een afspraak met de huisarts als er specifieke wensen zijn zoals niet reanimeren, een wils- of euthanasieverklaring. Komt daar straks ook de vraag bij wanneer de patiënt het leven voltooid vind?

 

Deze column verscheen in ‘de POH ‘ december 2016, een uitgave van de NVvPO onder de titel ‘Voltooid leven’.

Sinds mei 2016 maak ik deel uit van de redactieraad van ‘de POH ‘.

Afscheid

5 Jan

Hoe een vriend een dag, een leven en onze zoon kan veranderen door er niet meer te zijn.

Die ochtend vertrekken man en ik voordat onze zonen goed en wel wakker zijn. Die avond zullen we elkaar allemaal weer zien. De jongste zal vertellen over het korfballen, één zoon over de plannen voor de rest van het weekend, nog een andere zoon over zijn werkdag, man zal de nieuwtjes over zijn ooms en tantes delen en ik zal vertellen over mijn dichtersbijeenkomst.

Genietend van het werk van collega-dichters bekijk ik even mijn mobiel. Een app van één van mijn zoons, niet eens via de gezinsapp. Meestal heeft hij dan iets nodig. Zuchtend open ik zijn bericht.
‘L. is dood.’
Een vriend van mijn net achttienjarige kind is dood. Dood. Hoe is dat mogelijk? Snel trek ik mij terug in een gang om zoon te bellen, te omhelzen en te troosten. Verdomme, wat is Heerhugowaard ver. Al pratend wordt de afstand minder. Zoon vertelt. Zoon deelt. L. wilde zelf. Zoon is gelukkig niet alleen, maar in gezelschap van een goede vriend. We zullen elkaar later wel zien.

Zonder onze achttienjarige, die troost zoekt bij zijn vrienden en vriendin praten we bij. Over de dichtersbijeenkomst, de ooms en tantes, de verkochte rookmachine en over korfbal. En over L. die niet meer wilde leven.
‘Maar ik sprak hem nog. Over muziek. Bij de barbecue, toen jullie op vakantie waren,’ vertelt de oudste verbouwereerd. ‘Aardige jongen.’
‘Hoe kun je nou niet willen leven?’ vraagt de jongste. ‘Als je zo jong bent, is het nog niet eens begonnen! Daar snap ik nou niks van.’ Gelukkig maar, denk ik opgelucht.

Later op de avond komt zoon thuis, met vriendin. Witte gezichten, wallen, sigarettenlucht en meer. Ik mag hem omarmen. ‘Het gaat wel,’ zegt hij en we praten nog wat na. Hij weet nog niet veel meer dan dat L. dood is en het zelf heeft gedaan. Het was niet onverwacht.
De grootte van de pijn des te onverwachter. ’s Nachts huilt zoon in mijn armen als het kleine kind, dat ik zo goed ken. Om L., om ongelukkige vrienden, om zieke opa, om de angst van verlies. Ik huil in zijn armen. Om L., om zijn ouders, zijn broers en om mijn zoon, die ineens geen kind meer is.

veerVoor L.

Dichtbij jouw verdriet in
het verdriet van een ander
Dichtbij jouw vriendschap in
de ogen van een ander
Dichtbij de liefde voor jou
zonder je te kennen
weten hoe bijzonder
je bent

Te jong voor insuline

15 Nov

insulinePsychologische insulineresistentie

Insuline spuiten kan iedereen leren, zeker met alle mooie pennen en naalden die op de markt zijn. Voor Mirjam zou het ook geen probleem moeten zijn, wat houdt haar tegen?

‘Hij wil me niet meer zien’, zegt Mirjam. ‘Kan niks meer voor me doen, ik ben te eigenwijs’, vervolgt ze. Het klinkt als een huwelijkscrisis. Dat is het niet. ‘Je zult het nog wel merken, heel eigenwijs’, benadrukt ze nog eens, bijna dreigend. Na een jaar of vijf een relatie te hebben gehad met haar internist is het over. Elke drie maanden contact, controles en gesprekken hebben niet geleid tot een goed HbA1c. Mirjam wil echt niet aan de insuline. De internist zocht contact met de huisarts of de huisartsenpraktijk de controles weer kon overnemen. Hiermee begint onze relatie. Met een HbA1c van 89.

Ze heeft wel veel pech. Ondanks haar leefstijl – die misschien wel iets beter kan maar echt niet heel afwijkend is – heeft ze rond haar veertigste twee stents gekregen en DM2 ontwikkeld. Nu is ze vijftig en leeft ze al tien jaar langer dan haar vader en enkele van zijn broers en zussen. Van moeders kant kent ze de gevolgen van DM2. Oma is jong overleden na een beenamputatie, moeder ziet niet veel meer en kan zelf de insuline niet meer spuiten. Mirjam verzucht dat ze blij mag zijn dat ze leeft.

Ik ben het wel met haar eens en laat haar dat weten. In de loop van het gesprek blijkt dat ze de medicatie regelmatig vergeet, met de personal coach meer praat dan sport, behalve vandaag altijd op hakken loopt wat goed te zien is aan haar voeten. ‘Ik moet maar aan de insuline. Als het niet anders kan. Dat is de enige optie toch?’, stelt ze.

Ik vraag verbaasd waarom ze dat nu wel wil. Dit had ik niet verwacht. Mirjam barst los. Ze werkt steeds meer uren per week, krijgt overgangsklachten, slaapt slecht, zweet veel. Haar leven moet anders. Ze voelt zich gewoon niet lekker. ‘En misschien moet ik ook niet meer naar mijn moeder luisteren. Die zegt dat ik te jong ben voor insuline! Zij begon pas op haar vijfenzestigste. Het is mijn leven’, zegt ze met toenemend stemgeluid. Ze klinkt als een opstandige puber. Nog even en ze gaat stampvoeten. We spreken af elkaar de komende weken regelmatig te zien. Eerst maar eens curves bijhouden, medicatie altijd innemen, minder overwerken, meer sporten en niet overleggen met haar moeder.

Hoe het Mirjam zal vergaan is de vraag – of een avontuur, dat ik graag met haar aanga. Helaas bestaat er voor psychologische insulineresistentie geen protocol, en geen eenduidige of eenvoudige aanpak. Voor veel diabeten is de stap naar insuline groot, om verschillende redenen die meestal psychologisch van aard zijn. Mirjam is daarop geen uitzondering.

20160930_171651

Deze column verscheen in september 2016 in het blad De POH, een uitgave van de NVvPO, een belangenorganisatie voor praktijkondersteuners in de huisartsenpraktijk. 

Cello

26 Okt

Eerst dit aanklikken.

cello

 

Strijkstok omhoog tussen twee vingers

Tussen twee delen Bach de stilte voor

de diepte van lage tonen die

resoneren in de buik van

de luisteraar

 

Vanuit de buik van de cello stijgen

de lage tonen naar heldere hoogten

versneld door de beweging

van strijkstok en

slanke vingers

 

Zonder te kijken voel ik hoe hij

opstijgt naar de hemel en ik reis  met

hem mee zonder enige kennis

van Bach, cello of

de speler

 

Muziek is gevoel waar

je stil van wordt

 

Wat heb ik genoten van dit concert tijdens de Cello Biennale!

 

 

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: