Tag Archives: zorg

Tranen met tuiten

17 jul

Aan de balie bij de huisartsenpraktijk staat Carla, ze komt net van de fysiotherapie. Haar rugklachten spelen haar al langer parten en de pijnstilling die ze krijgt is niet voldoende. Aan de balie wordt ze te woord gestaan door de assistente. De fysiotherapeut adviseerde Carla een bepaald middel, maar dat wil ze liever niet. Dan mag ze niet autorijden. Maar wat dan? Haar klacht wordt begrepen, maar is niet direct op te lossen. De artsen zitten nu midden in hun spreekuren.

De assistente kijkt of er een mogelijkheid is een afspraak te maken met één van de artsen, eventueel telefonisch. Dan kan Carla in elk geval voor het weekend verder geholpen worden. De assistente vraagt haar of ze vandaag nog tijd heeft om langs te komen of anders een telefonische afspraak te hebben. Carla snikt ineens: ‘Ik haal nog wel wat extra paracetamol.’en loopt hard huilend de deur uit. Ze is weg voordat de assistente kan reageren.

Carla moest eens weten hoeveel haar reactie teweeg brengt. De assistente blijft verbouwereerd achter, was welwillend op zoek naar een oplossing. Het liefst had ze gewoon haar werk afgemaakt en Carla de zorg geboden die ze nodig heeft.

Tijdens de koffiepauze is de reactie van Carla onderwerp van gesprek. We begrijpen haar allemaal, ook de collega die haar te woord stond. Wie begrijpt haar nou niet? Verhalen over huilpartijen omdat je je zo machteloos voelde komen los. Dan hebben we het dus niet over wereldproblematiek; je vent heeft weer geen boodschappen gedaan, je bent net te laat voor je examen en mag er niet meer in, je haar is toe aan een kappersbezoek en de kapper heeft geen tijd. De koffiepauze is te kort om het allemaal door te nemen. We worden het over één ding wel met elkaar eens: wat voel je je daarna STOM!

Carla wordt later teruggebeld door haar huisarts. Ze geneert zich, legt uit dat ze normaal nooit zo reageert. Haar kind had een vrije dag, moest mee naar de fysiotherapie en dan had ze zelf die pijn, het werd allemaal te veel. Haar medische probleem is makkelijk op te lossen. De zorg die ze nodig heeft, heeft ze gekregen en als even huilen en weglopen helpt is dat prima.

Ook dat is ons werk.

Oorsmeer

11 jul

Niet iedereen heeft anatomische kennis, dat kun je ook niet verwachten. Het levert wel grappige uitspraken op.

Een heer had keer op keer

In zijn oren te veel smeer

De assistente wist wel raad

Schone oren waren het resultaat

 

 

De opluchting was van zijn gezicht af te lezen

Maar voorkomen is beter dan genezen

Voor het volgende probleem wilde hij advies

Waarom blijft oorsmeer zo plakken aan mijn hoornvlies?

Loes lacht

13 mei

Loes lacht als ik een woordgrapje maak, als enige. Kees blijft onverstoorbaar in zijn thee roeren, Berend wrijft zijn lappenpopje nog eens onder zijn neus, Janneke en Thomas concentreren zich volledig op het klaarzetten van kopjes voor de koffieronde.  Loes lacht, of verbeeld ik me dat.

 

In dit huis wonen volwassenen, verstandelijk beperkt. Kees en Janneke hebben het syndroom van Down, Berend en Thomas zijn verstandelijk beperkt door problemen bij de geboorte. Zij wonen hier al heel lang, vanaf het moment dat hun ouders de zorg niet meer aankonden. Zij hebben veel beperkingen, maar kunnen lopen en gaan zelfs elke dag naar een activiteit of werk.

Loes niet. Loes zit in een rolstoel, totaal gefixeerd anders valt ze om. Ze kan wel drinken als ik de beker met het rietje voor haar vasthoudt en alles wat ik in haar mond doe kauwt en slikt ze door. Praten doet ze niet, ze laat haar ongenoegen blijken door wat gegrom en door te schudden met haar hoofd. Wat er aan de hand is, moet je raden.

Kees, Janneke, Berend en Thomas hebben familie. Niet alle familie komt even vaak, maar er is contact. Er zijn bezoekjes, uitstapjes en de verjaardagen worden gevierd. De families hebben met ze geleefd, voor ze gezorgd en kennen ze met al hun (eigen)aardigheden.

Loes heeft familie. De familie komt nooit. Loes heeft met ze geleefd. Loes hield met hart en ziel van Fred en kreeg met hem twee kinderen, Tom en Lisa. Tom is zestien en Lisa is twaalf. De moeder van Loes is twee jaar geleden overleden, of Loes dat weet is maar de vraag. Het leven was goed en vol belofte. Tot het auto-ongeluk vijf jaar geleden.

Fred, Tom en Lisa kenden Loes, maar nu niet.

Ik ken  Loes zoals ze nu is. Als ze lacht, krijg ik een vermoeden wie ze zou kunnen zijn.

Even.

Dat verbeeld ik me graag.

Χάπια στρες

8 mei

Mijn moeder snapt niet meer wat ze in moet nemen. Lang geleden was het lasix, dat kon ze nog uitspreken. Nu heet het furosemide en ziet het er ook nog anders uit. Ze kreeg ze in een potje, dat vond ze wel fijn. Nu zitten ze weer in een doordrukstrip, die pillen krijgt ze daar nooit uit. Bovendien moet ze maar aannemen van de apotheek dat het deze pillen zijn, de teksten op het doosje zijn grieks!

Natuurlijk moeten we op de centen letten. Als het goedkoper kan, graag. Af en toe een ander merk uitproberen, daar is iedereen wel voor te motiveren.  Dan moet je wel zeker weten wat er in dat pakje zit.

Wie bedenkt het dat mensen die vier keer per jaar hun medicijnen bestellen, vier keer een andere verpakking zien? De zorgverzekering, de farmaceutische industrie, de politiek?

Heeft iemand daar al berekend wat het kost als eerst de apothekersassistente het uit moet leggen, dan de doktersassistente bij de huisarts en als het dan nog niet begrepen is de huisarts zelf.  En als mijn moeder er niet meer uitkomt met die pillen, schakel ik ook nog de thuiszorg in.

Nog even het etiketje Χάπια στρες vertalen: pillenstress!

%d bloggers liken dit: