Slapen onder werktijd #eswatiniblog 9

27 jun

Voor dag en dauw reden we naar de markt in Manzini om de mooiste spullen te kopen. Joan en ik, meer dan 20 jaar geleden. Eens per week kwamen de (groot)handelaren uit Mozambique, en er zou dan meer keuze zijn. Wij sloegen onze slag voordat de stroom toeristen op gang kwam. Het masker, waarover ik flink onderhandelde, hangt nog steeds bij ons aan de muur. Daarna dronken we nog even een kopje koffie bij de Italiaan in the Hub, een modern winkelcentrum.

Vandaag ging ik niet zo vroeg, natuurlijk. Het is tenslotte vakantie en geen idee wanneer de handelaren komen. Bovendien was ik niet op jacht naar koopjes, maar naar herinneringen. Manzini was de stad waar ik elke week mijn boodschappen deed, waar ik mijn bezoek mee naar toe nam, waar we naar de kerk gingen en de jongens naar de pre-school brachten. In 2017 waren Cornelis en ik even in Manzini, net na betaaldag. We herkenden wel een paar plekken, waar we niet bij stil konden staan. We werden gewoon vooruit geduwd door de drukte. Manzini was helemaal niet zoals wij het ons herinnerden.

Vanmorgen was de drukte te overzien, ik parkeerde in een winkelcentrum dat er vroeger nog niet was. Ik dacht dat ik mijn weg wel zou vinden. Het centrum van Manzini bestaat maar uit twee straten. De drukte viel me na de ervaring van 2017 mee, al waren er wel veel mensen. Ik vond mijn weg naar de Bhunu Mall, een overdekt winkelcentrum. Eenmaal binnen was het rustiger, niet iedereen kan het zich veroorloven daar kleding te kopen vermoed ik. Ik ging naar The Hub, waar we vroeger koffie dronken en pizza’s aten. Nu is er een take-away en staan er achter de winkels allemaal houten kraampjes met etenswaar. Met een glimlach liep ik langs het postkantoor, waar we ooit blauwe brieven heen brachten. De kantoren waar we maandelijks de water- en elektriciteitsrekening betaalden. Het politiebureau waar ik mijn rij-examen deed. En dan de markt. De markt is omheind met hekken, maar ook buiten de hekken verkopen dames en heren groente, fruit, snoep en oude schoenen. Vroeger werden daar met enige regelmaat bussen toeristen geleegd, zodat de crafts-afdeling op de eerste verdieping goede zaken kon doen. Op de crafts-afdeling waren een jonge Amerikaan en ik nu de enige twee die overduidelijk niet lokaal waren. Sterker nog, wij waren de enige twee klanten. De markthouders keken verschrikt op, en sommigen moesten zelfs wakker worden. Zij werden door de opgestapelde prullaria nog rechtop gehouden. Beneden bij de bedrukte stoffen, lagen een aantal dames heerlijk te slapen op de rollen stof. Stof tot nadenken.

Hier kunnen ze geen plezier aan beleven, zonder klanten zijn het lange dagen. Bovendien kunnen ze hier nooit van rondkomen. Toch kocht ik niks, wat moet ik met nog een beeldje, nog een slaschaal of kralenwerkje? Na twintig jaar was er niet veel nieuws op de markt gekomen. Het knaagt wel een beetje. Als man en zonen hier zijn, zal ik vragen of zij de dames wakker willen kussen met een volledig onnodige aankoop. En aan de lezer de vraag: kan ik iets voor jullie meenemen?

%d bloggers liken dit: